Samenwerken in het ziekenhuis: vanzelfsprekend of toch een kunst apart?
In de gangen van het ziekenhuis lopen ze elkaar de hele dag tegen het lijf: artsen, verpleegkundigen en andere zorgprofessionals. Voor de buitenwereld lijkt het vaak een geoliede machine, maar hoe die samenwerking precies verloopt en hoe het beter kan, is minder vaak onderwerp van gesprek.
Vanuit onderzoeksgroep Verpleegkundig Leiderschap van Hogeschool Leiden is, samen met diverse partners, onderzocht wat er nu écht gebeurt tussen die professionals. De resultaten van het project ‘De Interprofessionele Ziekenhuispraktijk’ liggen er nu, inclusief een moderne oplossing om die samenwerking een zetje te geven. De onderzoekers ontwikkelden namelijk een app om de samenwerking te bevorderen.
Wie deden er mee?
Namens Hogeschool Leiden waren onderzoeker Florine Walburg en lector Kim Verhaegh betrokken. Daarnaast werkten ook NHL Stenden Hogeschool, het Alrijne Ziekenhuis, Frisius MC (voorheen MCL) en app-ontwikkelaar Primio mee. Ook experts van het UMCG en LUMC waren aangehaakt. Het doel was helder: in kaart brengen hoe artsen en verpleegkundigen de samenwerking ervaren en kijken of een digitale tool daar verandering in kan brengen.
Wat waren de uitkomsten?
Uit de observaties en gesprekken in de ziekenhuizen bleek dat samenwerken vaak ‘impliciet’ gebeurt. Iedereen doet zijn ding, maar er wordt zelden op een metaniveau besproken hoe men samenwerkt. Dr. Kim Verhaegh, lector Verpleegkundig Leiderschap van Hogeschool Leiden, licht toe: "Het viel ons op dat artsen vaak denken: ‘het gaat toch prima?’, terwijl verpleegkundigen soms nog zoeken naar hun plek in het gesprek. Ze beschikken over enorm veel waardevolle kennis en expertise maar vinden het soms lastig om dat concreet te verwoorden tegenover een medisch specialist."
Een ander opvallend punt uit het onderzoek is de rol van de patiënt. Hoewel ‘samen beslissen’ een hot topic is in de gezondheidszorg, wordt er in de praktijk nog vaak over de patiënt gesproken in plaats van met de patiënt. De verpleegkundige fungeert hierbij vaak als de stem van de patiënt richting de arts, terwijl directe betrokkenheid van de patiënt bij het overleg nog niet altijd de standaard is.
En wat kan een app daarin betekenen?
Om de samenwerking niet alleen te beschrijven maar ook te verbeteren, is er een prototype van een ‘Microlearning’ ontwikkeld. Dit is een app met korte, behapbare trainingen die zorgprofessionals gewoon op hun telefoon kunnen doen. Denk aan modules over het geven van feedback, maar ook over communicatietechnieken zoals de SBAR-methode. Uit de testfase bleek dat vooral jonge professionals en nieuwe medewerkers dit een handige manier vinden om de ongeschreven regels van de samenwerking onder de knie te krijgen.
Toch is een app alleen geen wondermiddel, benadrukt Kim. Het onderzoek laat zien dat er ook een cultuurverandering nodig is. Het vergt tijd en ruimte om vaste patronen en hiërarchische verhoudingen te doorbreken. Kim: "Dit onderzoek gaat niet alleen over een fijne sfeer op de werkvloer. Met de enorme uitdagingen in de zorg en een vergrijzende bevolking is écht interprofessioneel samenwerken noodzakelijk om de zorg betaalbaar en menselijk te houden. Als we elkaars expertise niet ten volle benutten, doen we de patiënt en de maatschappij tekort."
Hoe nu verder?
Het rapport concludeert dat we toe moeten naar een ‘interprofessionele identiteit’. Dat betekent dat je je niet alleen verpleegkundige of arts voelt, maar ook onderdeel van één behandelteam. Dat begint al bij de opleidingen. Voor Hogeschool Leiden en andere hogescholen ligt hier dus ook een schone taak. "Studenten moeten niet pas in de praktijk ontdekken hoe de andere beroepsgroep denkt," legt Kim uit. "Dat zaadje voor gelijkwaardig samenwerken, planten we liever hier al in de collegebanken, zodat ze straks beslagen ten ijs komen."