Hogeschool Leiden

Grote waardering voor student ANP bij uitreiking scriptieprijs

Steven Hofman, afgestudeerd aan de Master Advanced Nursing Practice, heeft met zijn masterscriptie de tweede prijs gewonnen bij de Hogeschool Leiden Scriptieprijs.

De jury vond het onderzoek qua niveau gelijkwaardig aan dat van de winnaar. Maar omdat het een master- en geen bachelorscriptie is, werd de tweede prijs toegekend. 

Gedegen onderzoek helpt acute ambulancezorg

Steven Hofman is sinds 2001 ambulanceverpleegkundige bij de Regionale Ambulancevoorziening Hollands Midden (RAVHM). Hij deed onderzoek naar de betrouwbaarheid van een alternatieve methode voor glucosemeting ten opzichte van de bekende vingerprik. De jury omschreef Steven als een kritische student die zich terecht zaken uit de praktijk afvraagt. 

"Het doen van wetenschappelijk onderzoek stond niet direct bovenaan het lijstje van persoonlijke leerdoelen. Maar hoe verder het onderzoek vorderde, hoe meer plezier ik er in kreeg. Ik heb bewust gekozen voor een klein onderwerp dat in de dagelijkse praktijk van het ambulancewerk wel wat onderzoek nodig heeft. Zo kwam ik al snel bij de vingerprik."

Het nut van glucosemeting vanuit de venflon

In de ambulancezorg wordt in acute situaties vaak de bloedglucosewaarde vanuit de vingerprik bepaald. Een slimme collega van Steven ontdekte dat tijdens het inbrengen van een infuusnaald een klein beetje bloed achterblijft in de venflon, een dopje dat normaal direct wordt weggegooid. In dit dopje zit precies genoeg bloed om het glucosegehalte te bepalen bij de acuut zieke patiënt. Voordelen van deze methode: er hoeft maar één keer geprikt te worden en een diagnose is sneller gesteld. Zo kan er direct behandeld worden.

Betrouwbaarheid van de metingen

Uit evaluaties kwam naar voren dat er twijfels waren over de validiteit van de meting uit het dopje (de venflon). Daar heeft Steven zijn onderzoek op gericht: de vergelijking in acute situaties tussen de vingerprik en de glucose uit de infuusnaald. Zijn onderzoek wijst uit dat bij gebruik van bloed uit de infuusnaald om de glucosewaarde te bepalen, in 98,8% van de gevallen, dezelfde therapeutische keuze wordt gemaakt als bij een meting vanuit de traditionele vingerprik. Er waren echter twee “uitbijters” (extreem grote afwijkingen) waarbij de meting uit de infuusnaald een lagere glucosewaarde aangaf.

Conclusie

In de praktijk kan de methode infuusnaald worden toegepast, natuurlijk moet men wel alert blijven op lage glucosewaarden waarbij geen klinische verschijnselen van een hypoglycemie (te lage bloedsuikerspiegel) zijn. 

Bekijk de masterthesis ( pdf, 1.54 MB )