Wielrenner, foto door: Vincent Riemersma

Over

Thema

Monitoring van trainingseffecten met genexpressiepatronen

De coach van de toekomst heeft een stopwatch en een RNA-profielmeter. Lector Genome-Based Health Peter Taschner en bewegingswetenschapper Dionne Noordhof onderzoeken hoe de activiteit van genen bij gezonde mensen verandert door training. 

Daarvoor bekijken zij onder meer welke genen op training reageren en in welke mate. Het onderzoek wordt in samenwerking met onder andere de Hogeschool en Universiteit van Amsterdam en betrokken organisaties uit de sportwereld uitgevoerd.

Voor iedere sporter hetzelfde trainingsschema

Op dit moment krijgen topsporters uit dezelfde ploeg nog vaak hetzelfde trainingsschema. De ene sporter reageert anders op dat trainingsschema dan de andere sporter. Dit komt door omgevingsfactoren, maar ook door de genetische variatie tussen personen. De genetische varianten van een persoon bepalen de grenzen van zijn of haar mogelijkheden. Acute inspanning, zoals duur- of krachttraining, verstoort de balans van het lichaam, dat vervolgens reageert om de balans te herstellen. Op moleculair niveau worden hierbij genen aan- of uitgezet. Het meten van het genexpressiepatroon, de activiteit van alle genen op een bepaald moment en in een bepaald weefsel van een persoon vormt een RNA- of genexpressieprofiel.

Fotograaf Vincent Riemersma
Fotograaf: Vincent Riemersma

In kaart brengen van genexpressiepatronen

Of een sporter beter presteert als gevolg van een bepaald trainingsschema, blijkt vaak pas na verloop van tijd. Een inspanningstest of een wedstrijd leert de coach of de sporter progressie heeft geboekt. Graag zou je meer inzicht willen krijgen in de processen die hierbij betrokken zijn. Het in kaart brengen van de genexpressiepatronen is een nieuwe methode om op zulke vragen antwoord te krijgen. 

Trainingsstudie: trainingsadaptaties monitoren met behulp van genexpressiepatronen

Met behulp van een trainingsstudie onderzoeken Peter Taschner en Dionne Noordhof, in samenwerking met de Hogeschool en Universiteit van Amsterdam en betrokken organisaties uit de sportwereld, of het mogelijk is om trainingsadaptaties te monitoren met behulp van genexpressiepatronen. Hiervoor heeft een groep wielrenners drie maanden lang een trainingsprogramma gevolgd. Rondom deze trainingsperiode vonden verschillende inspanningstesten en bloedafnames plaats. Momenteel wordt alle verzamelde data geanalyseerd.  

Coach van de toekomst

Wanneer het mogelijk blijkt om op basis van genexpressieprofielen trainingsschema’s van een individuele sporter bij te sturen, dan zien we de coach van de toekomst met in de ene hand een stopwatch en in de andere hand een RNA-profielmeter langs het zwemband, de ijsbaan of wielerbaan staan.

Dit onderzoeksproject wordt gefinancierd door het Regieorgaan SIA, dat via de regeling ‘RAAK-publiek’ de samenwerking en kennisuitwisseling stimuleert tussen hogescholen en professionals uit de publieke sector.

Lees ook het artikel over het project Monitoring van trainingseffecten met genexpressiepatronen ( pdf, 1.55 MB )