Tijdens de studie ontwikkelt u zich binnen vier inhoudelijke gebieden tot specialist in menselijk gedrag en bereidt u zich voor op diverse rollen. De vier inhoudelijke gebieden zijn arbeid en organisatie, maatschappelijke participatie en veiligheid, gezondheid en zorg en onderwijs en ontwikkeling.

U ontwikkelt zich binnen deze gebieden tot een specialist in menselijk gedrag en bereidt zich voor op diverse rollen. U wordt gedragsonderzoeker, gedragsbeïnvloeder, trainer, voorlichter, beïnvloeder van keuzeprocessen of coach. In het derde en vierde jaar van de opleiding kiest u een gebied waarin u zich gaat specialiseren.
Tijdens de studie ontwikkelt u acht beroepscompetenties. Deze vormen samen een onlosmakelijk geheel. De kerncompetenties zijn:
Naast alle onderwijsactiviteiten die gericht zijn op de ontwikkeling van deze competenties worden ook opdrachten uitgevoerd bij de werkgever of op een andere praktijkplaats. Voorbeelden van opdrachten zijn:
Als een praktijkopdracht niet bij de eigen werkgever kan worden uitgevoerd, zorgt de student tijdig voor een andere (tijdelijke) praktijkplaats.
Een deeltijdbaan van minimaal 20 uur in een relevante werkomgeving is vereist.
Voor de deeltijdstudie Toegepaste Psychologie is het noodzakelijk dat u naast uw studie minimaal 20 uur per week werkzaam bent in een relevante werkomgeving. Dit betekent dat u op uw werkplek te maken heeft met vraagstukken van psychologische aard, waarbij het gedrag van mensen centraal staat. Hierbij gaat het om observeren, beoordelen en beïnvloeden van gedrag. Tijdens het intakegesprek (dat u voorafgaand aan uw definitieve inschrijving heeft) beoordeelt de opleiding of uw werkplek voor de opleiding Toegepaste Psychologie relevant is.
Aan het begin van de opleiding hoeft uw werk nog niet op HBO-niveau te zijn, aan het einde van de opleiding is dit wel vereist.
Tijdens de opleiding gaat u op dinsdagochtend en dinsdagmiddag naar school.
Meer informatie over de opbouw van de periodes.