International Public Health

Geschiedenis

In 1992 werd het voor Hogeschool Leiden steeds duidelijker dat er grote behoefte bestond om met name verpleegkundigen een grondig voorbereidingstraject voor het werken in ontwikkelingslanden aan te bieden.

De opleiding, aanvankelijk opgezet om verpleegkundigen en in mindere mate paramedici medici en sociaal wetenschappers een voorbereidingstraject aan te bieden voor het werken als uitvoerende in de gezondheidszorg in ontwikkelingslanden, heeft zich de laatste jaren meer en meer geprofileerd als een public health opleiding met meer aandacht voor management, kennisoverdracht en meer collectieve gezondheidsaspecten. Een opleiding die zich niet slechts richt tot verpleegkundigen, maar in toenemende mate ook een multidisciplinaire opleiding is geworden, d.w.z. ook gevolgd wordt door artsen, paramedici (fysiotherapeuten, verloskundigen, diëtisten, analysten etc.) en sociale wetenschappers.

Hogeschool Leiden is zich daarbij bewust geweest van de veranderende omstandigheden op het gebied van ontwikkelingssamenwerking en meer specifiek de gevolgen voor opleiding en training van personeel. Onder invloed van een veelheid van factoren is midden jaren negentig besloten het curriculum van de opleiding te veranderen. De volgende factoren lagen hieraan ten grondslag:

  • de herijking van het beleid van het Ministerie van Ontwikkelingssamenwerking;
  • de toegenomen instabiliteit wereldwijd met humanitaire rampen die groter in omvang lijken te zijn dan ooit te voren;
  • de daarmee gepaarde gaande snelle ontwikkelingen op het terrein van noodhulp;
  • een zich langzaam voltrekkende autochtonisatie van de gezondheidszorg;
  • maar ook een toename van 'oude' ziekten zoals malaria en tuberculosis;
  • daarnaast de desastreuze gevolgen van 'nieuwe' ziekten zoals de HIV-AIDS epidemie in grote delen van de wereld;
  • toegenomen sociaal-psychologische problematiek in vele landen zoals (kinder)mishandeling, (kinder)prostitutie, verslaving en kinderarbeid;
  • de veranderende demografie met vergrijzing van de bevolking en de daarmee inherente toename van chronische ziekten en handicaps.